maandag 4 juni 2012

Hoe doen jullie dat nou, samen schrijven?


‘Nou gewoon, we slaan om de beurt een toets aan. Of de een bedenkt het verhaal en de ander schrijft het op’. Dat zijn natuurlijk twee uitersten en geen van beiden zijn op ons van toepassing. Alles daar tussen in wel. Maar we zeggen niet wat we waar/wanneer doen. Het verschilt per boek, soms per periode, afhankelijk bijvoorbeeld van of de een het drukker heeft dan de ander.
Inmiddels hebben we wel zo ongeveer alle vormen van duo-schrijven in de vingers. We hebben eigenlijk maar een criterium: we doen wat goed is voor het boek. Wij zijn daarmee ook gelijk elkaars redacteur. En zo nu en dan moet een van ons een veer laten, een prachtig poëtisch stukje in het Mooie Woorden doosje opbergen. Of een nieuw toegevoegde personage er weer uit gooien. Zoals er in SCHULD opeens een onbekende mevrouw opdook die onze hoofdpersoon opbelde vanuit Amsterdam. De mevrouw zou een briljant verzonnen nieuwe ontwikkeling op gang brengen. Maar daarmee het hele verhaal ontwrichten. Dus moest ze weer weg. Het is niet voor niets dat duo-schrijvers vaak elkaars echtgenoot zijn, of broer/zus, vader/dochter. Je moet kunnen incasseren zonder dat je ego meteen onherstelbare schade denkt op te lopen. Kill your darlings behalve je eigen lief!



Geen opmerkingen:

Een reactie posten